Interview Wereldwijven

HET PALMOLIEPROBLEEM VER VAN JE BED? EEN GESPREK MET DE SCHRIJFSTER VAN ECOTHRILLER VERKAPT

door: Karien van Ditzhuijzen

Na zes jaar in Singapore ben ik helaas maar al te goed bekend met de Haze’ Elk jaar staat een deel van Indonesië in de fik en ademt heel ZuidOost Azië de scherpe rook in. En als wij in Singapore – honderden kilometers verderop – al met rode ogen en keelpijn wakker worden, hoe erg zijn deze bosbranden dan wel niet voor de lokale bevolking op Borneo en Sumatra? Mens zowel als dier.

De Haze wordt veroorzaakt door de palmolie industrie. Een olie-plantage raakt na 25 jaar uitgeput, zodat steeds meer regenwoud moet worden gekapt of afgebrand om aan de groeiende vraag te kunnen voldoen. De ergste branden zijn veenlanden die worden droog gepompt en die ondergronds onblusbaar smeulen – een ongekende milieuramp die de westerse media zelden haalt.

Een interview over Orang-Oetangs en de palmolie problematiek

Janneke Bazelmans, auteur en milieu-juriste, deed onderzoek naar de palmolie industrie in Indonesië, en verbleef bij de Dayaks in Borneo, in een dorp waar de bewoners hun regenwoud kwijtraakten aan oliepalmen. Ze baseerde hierop haar Ecothriller ‘Verkapt’ die vorig jaar verscheen.

Janneke is een echt Wereldwijf, in dit tweegesprek lees je meer over haar onderzoek en haar spannende boek waarin ze dit schokkende verhaal aan een groot publiek bekend wil maken. In Verkapt gaat studente Nora stage lopen bij een palmoliebedrijf in Borneo en raakt al snel verwikkeld in intriges tussen het bedrijf, de lokale Dayaks en die andere bosbewoners: de orang-oetans.

Foto: Pixabay

Ik denk dat de eerste vraag die mensen hebben na het lezen van je boek is: Hoeveel is waar?

Verkapt is fictie gebaseerd op de werkelijkheid. Ik heb jarenlang juridisch onderzoek gedaan naar palmolie. Dat is droge materie, dus heb ik die verwerkt in een spannende thriller. Helaas is veel van wat ik beschrijf waar: Volgens de organisatie Global Witness zijn in 2017 wereldwijd 207 natuurbeschermers vermoord! De wereld is dodelijker dan ooit voor land- en milieubeschermers, en in de agri-industrie (waaronder koffie-, palmolie- en bananenplantages) vallen de meeste doden.

Ik heb zelf als kind in Borneo gewoond en altijd nog een zwakke plek voor de Dayaks. Hoe was het om bij hen te wonen? En hoe gaat het nu daar?

In 2014 logeerde ik bij een Dayakstam in het hart van Indonesisch Borneo en maakte het dagelijkse leven en hun strijd tegen de ontbossing en aanleg van de palmolieplantages van dichtbij mee. Ik wilde met eigen ogen wilde zien hoe palmolie het leven van de lokale bevolking beïnvloedt. En ik wilde onderzoeken hoe duurzaam duurzame palmolie is. Tegenwoordig zou het al veel moeilijker zijn om ongemerkt in het dorp te verblijven. De sfeer is grimmiger en de palmoliebedrijven zijn steeds meer op hun hoede voor pottenkijkers. Daarom heb ik het dorp ook niet genoemd in Verkapt, maar zelf een naam verzonnen.

Het dorp waar ik logeerde is zich altijd blijven verzetten tegen de komst van palmoliebedrijven. Vlak voordat ik er logeerde, werd in het dorp ernaast een groot stuk regenwoud gekapt en een plantage aangelegd. Nadat ik daar verbleef is een Nederlands stel in het orang-oetan opvangcentrum in het dorp komen werken. Vooral via hen ben ik in contact gebleven met de lokale bevolking en steun hen vanuit Nederland in hun strijd.

Toen ik in de voedingsmiddelen industrie werkte, werkte ik aan slaafvrije cacao, terwijl collega’s bezig waren met het invoeren van ‘duurzame palmolie’ Bestaat zoiets wel?

Het probleem van palmolie is niet palmolie zelf. Het gaat om de wijze waarop het verbouwd wordt en de niet transparante productieketen. Door de grote schaal waarop het geproduceerd wordt, kan dit niet op duurzame wijze.

In 2014 is de Roundtable for Sustainable Palm Oil (RSPO) opgericht door de palmolie-industrie, bedrijven en maatschappelijke organisaties (dus geen overheden). Helaas geeft het RSPO keurmerk geen garantie tegen ontbossing. Het gebruik van pesticiden en insecticiden is toegestaan, dus rivieren raken vervuild en er zijn nog steeds veel conflicten met de lokale bevolking over landrechten. Mensenrechten worden geschonden.

Daarnaast zijn palmolieplantages tijdelijk, en dus voor de lokale bevolking geen duurzaam verdienmodel, terwijl ze wel het landschap, de biodiversiteit en lokale gemeenschappen met zich mee de afgrond insleuren.

Met een groeiende wereldbevolking blijft er de noodzaak voor mensen om zich te wassen en voeden. Palmolie zit overal in, van pindakaas en koekjes tot wasmiddelen aan toe. Als chemicus weet ik dat palmolie heel prettige eigenschappen heeft ten opzichte van andere vetten. Zijn er goede alternatieven?

Palmolie zorgt er bijvoorbeeld voor dat je pindakaas lekker smeuïg is. De vraag is hoe belangrijk vind je het dat je even moet roeren in de pot voordat je je pindakaas op je boterham smeert? Daarnaast zit palmolie vooral in gemaksvoedsel, in kant-en-klaar pakjes, zoute instantsoep, en goedkope koekjes. Producten die we helemaal niet nodig hebben. Ons consumptiepatroon speelt een grote rol in de palmolieproblematiek.

Olijf, zonnebloem, koolzaad en raapzaad zijn alternatieven waarvoor geen tropisch regenwoud wordt gekapt – ze groeien gewoon in Europa. In het oerwouddorp waar ik logeerde, staan in het bos suikerpalmen, houtbomen, fruitbomen en cacaobomen. Van Tengkawangnoten produceert de lokale bevolking een hoogwaardig vet. Daartussenin planten ze bamboe en koffie; soorten die allemaal van nature in het regenwoud groeien.

Er wordt wereldwijd geïnvesteerd in alternatieven als algenolie, industriële hennepzaadolie en gist, we hoeven niet wachten op één wondermiddel dat palmolie kan vervangen, maar moeten zoeken naar meerdere alternatieven; lokaal geproduceerde gewassen, zowel in de regenwouden als hier in Europa.

Ik merk dat zelfs voor mij, als scheikundige, het moeilijk is te herkennen waar palmolie in zit. Hoe kan de gewone consument bijdragen?

Sinds mijn verblijf op Borneo leef ik zoveel mogelijk palmolievrij. In de Europese Unie staat op de verpakking van een voedingsmiddel of er palmolie in zit, dus is het redelijk eenvoudig te vermijden. Maar bij verzorgingsproducten en schoonmaakmiddelen is het een ramp. Er zijn meer dan 150 scheikundige namen die erop kunnen wijzen dat een ingrediënt van palmolie is gemaakt.

Omdat ik zoveel reacties kreeg op Verkapt en er zoveel mensen waren die wilden weten hoe ze hun palmolie gebruik konden terugdringen, heb ik met de organisatie Palmolievrij vorig jaar een challenge ontwikkeld: 1 maand palmolievrij. 

Zelfs toen wij hier in Singapore maandenlang met mondkapjes rondliepen las ik hier weinig over in Nederlandse kranten. De EU en Nederland zetten nog steeds in op palmolie als biodiesel. Hoe het kappen van regenwoud een duurzaam alternatief kan zijn voor fossiele brandstoffen zou toch voor iedereen onbegrijpelijk moeten zijn?

Toen de bosbranden in 2015 maar bleven woeden, terwijl de Klimaatconferentie in Parijs werd gehouden – en de hele wereld bezig was te bedenken hoe de CO2-uitstoot naar beneden moest – kwamen de bosbranden zo nu en dan in de media.

Op dit moment woeden er ook bosbranden op Kalimantan. Je hoort er alleen over via facebookberichten van lokale bewoners en orang-oetan opvangcentra die moeten ontruimen. Als je niet in die social media bubble zit, gaat het volledig aan je voorbij.

Het lijkt een ver-van-mijn-bed show, maar dat is het niet. Ontbossing is hier: op je bord, op je gezicht, in je wasmachine en in je tank. Er is gelukkig steeds meer kritiek op palmolie als duurzame biobrandstof. De Europese Unie heeft besloten dat het gebruik vanaf 2023 moet afnemen en vanaf 2030 helemaal niet meer in Europese autotanks te vinden mag zijn. Als je bedenkt dat er iedere dag wereldwijd een perceel bos zo groot als Amsterdam verdwijnt, vraag je je af waarom zo’n verbod er niet eerder komt.

In ‘Verkapt’ komt duidelijk de hebzucht van mensen naar voren, en hun domme korte termijn visie. Ben je je vertrouwen in de mensheid inmiddels kwijtgeraakt, of is er ook reden voor optimisme?

Toen ik bijna twintig jaar geleden afstudeerde en als advocaat ging werken, keken andere advocaten me vreemd aan wanneer ik vertelde dat ik me specialiseerde in het milieu- en klimaatrecht. Dat had toch geen toekomst? 
Vandaag de dag zijn het klimaat en het milieu actueler dan ooit. Er is een beweging op gang gekomen; veel bedrijven en burgers willen verandering. Alleen de overheid loopt achter. Die zou meer verantwoordelijkheid moeten nemen met wet- en regelgeving.

Je hebt gekozen voor fictie, om zo een groter publiek te kunnen bereiken. Is je doel bereikt?

Verkapt is een Ecothriller met een missie: ontbossing als gevolg van ons palmolie gebruik onder de aandacht brengen. In mijn juridisch onderzoek over palmolie* staan dezelfde feiten als in Verkapt, maar niemand in mijn omgeving heeft aangegeven erdoor geraakt te zijn of me überhaupt gevraagd om het onderzoek te lezen.

Met Verkapt plaats ik de lezer middenin de ontbossingsproblematiek, middenin een dorpje in Borneo. Recensenten en lezers vertellen me dat Verkapt nog wekenlang doorwerkt in hun handelen, ze kijken anders naar producten in de supermarkt. Ze passen hun koopgedrag aan en mailen me foto’s van palmolievrije producten die ze gevonden hebben.

Verkapt is onderdeel van een missie: De palmolie-problematiek onder de aandacht brengen van een zo breed mogelijk publiek.

 

LINK